Maandag 21 Mei 2012

Dr. Michel D’Hooghe (2003 - 2009)

Dr. Michel D’Hooghe

Op dinsdag 11 maart 2003 werd dr. Michel D’Hooghe (geboren op 8 december 1945) verkozen tot opvolger van de overleden Michel Van Maele als voorzitter van Club Brugge KV. Hij gaf op het einde van het seizoen 2008-09 zelf de fakkel door aan Pol Jonckheere.


In de vroege jaren ’70, nadat hij met vrucht zijn studies geneeskunde had voltooid, maakte Michel D’Hooghe zich reeds als jonge dokter bijzonder verdienstelijk voor Club Brugge. Van een echt medisch kabinet was voor zijn komst amper sprake, maar samen met kinesist Eddy Warrinnier zette hij daar zijn schouders onder. In hun beginjaren werd het duo met een dramatische gebeurtenis geconfronteerd, toen Club-speler Nico Rijnders in oktober ’72 tijdens een wedstrijd tegen Club Luik plots roerloos op het terrein bleef liggen, getroffen door een hartaanval. Een snelle interventie van dr. D’Hooghe redde hem het leven. Vier jaar later overleed de Nederlander alsnog na een nieuwe, fatale hartstilstand.


Aan de zijde van succestrainer Ernst Happel, met wie hij een sterke emotionele band ontwikkelde, maakte Michel D’Hooghe de opgang van Club Brugge tot Europese subtopper mee. In die periode trad hij toe tot de Raad van Beheer van de vereniging, om in 1979 als vertegenwoordiger van Club Brugge naar de vergaderingen van de Profliga in Brussel te worden afgevaardigd. Twee jaar later volgde hij Standard-boegbeeld Roger Petit op als voorzitter van die Profliga, een mandaat dat hij gedurende zes jaar zou uitoefenen. In 1986 werd hij, door de zwakke gezondheidstoestand van algemeen bondsvoorzitter Louis Wouters, aangesteld als delegatiehoofd van België voor het WK in Mexico, het succesrijkste uit de Belgische geschiedenis. Eén jaar later promoveerde Michel D’Hooghe tot voorzitter van de Belgische Voetbalbond. Nog eens een jaar later werd hij lid van het Uitvoerend Comité van de FIFA en voorzitter van de Medische Commisie van de wereldvoetbalbond. Gedurende veertien jaar leidde dr. Michel D’Hooghe de grootste nationale sportfederatie, die hij doorheen de moeilijke jaren in de nasleep van het Heizeldrama naar de 21ste eeuw loodste.


In zijn streven om de bond te vernieuwen, pakte hij in een eerste fase de infrastructuur aan. In 1989 verhuisde de KBVB vanuit het vervallen herenhuis in de Guimardstraat dat al sinds mensenheugenis werd gehuurd, naar het spiksplinternieuwe bondsgebouw aan de Houba de Strooperlaan, in de schaduw van het Atomium en de Heizel. In 1995, bij de 100ste verjaardag van de voetbalbond en exact tien jaar na het Heizeldrama, werd ook het totaal gerestaureerde nationale stadion ingehuldigd en tot Koning Boudewijnstadion omgedoopt.


Michel D’Hooghe bouwde niet enkel met stenen. Hij verzamelde een netwerk van business-partners omheen het uithangbord van de bond, het nationale elftal. De Rode Duivels boerden sportief uitstekend, en wisten zich ook in 1990, 1994 en 1998 voor de eindbeurt van het WK te kwalificeren. Naast die sportieve bijval, was de belangrijkste verwezenlijking van de bondsvoorzitter ongetwijfeld de organisatie van Euro 2000, het Europees Kampioenschap dat hij met zijn Nederlandse collega Jeu Sprengers naar de Lage Landen haalde, en dat uitgroeide tot een immens succes, zowel inzake publieke belangstelling als sportieve kwaliteit.


De diplomatie die dr. D’Hooghe aan de dag legde om het mega-evenement naar een “klein” sportland als België te brengen, werd zijn handelsmerk. Enkele maanden vooraleer hij, in de zomer van 2001, het voorzitterschap van de voetbalbond doorgaf aan Jan Peeters, werd dr. D’Hooghe door koning Albert de eretitel van “baron” toegekend.


Na zijn afscheid als bondsvoorzitter verdween Michel D’Hooghe ruim anderhalf jaar uit de schijnwerpers van de topsport. Na het overlijden van Club-voorzitter Michel Van Maele, eind februari 2003, werd hij door de Raad van Beheer van Club Brugge voorgedragen als enige kandidaat-opvolger en met unanimiteit van stemmen verkozen.


Dr. D’Hooghe, die ook tijdens zijn mandaat als bondsvoorzitter altijd beheerder van Club Brugge was gebleven en er daarbij streng over waakte dat zijn neutraliteit tegenover de andere clubs niet in het gedrang kwam, mocht al twee maanden na zijn aantreden als voorzitter de twaalfde landstitel van Club Brugge vieren. Hij weigerde er enige verdienste in en droeg de titel volkomen op aan zijn overleden voorganger. Twee jaar later vierde Club Brugge zijn 13de landstitel, tussendoor won het na een finale tegen SK Beveren (4-2) zijn negende Belgische beker. In 2007 werd de nationale cup een tiende keer in de blauw-zwarte trofeeënkast gezet, na 1-0 winst tegen Standard.


Naar het voorbeeld van zijn beginjaren als bondsvoorzitter, liet dr. Michel D'Hooghe in zijn eerste maanden als Club-voorzitter de accommodaties van Club Brugge aan een grondige opknapbeurt onderwerpen. In een eerste fase werden de burelen vanuit het Jan Breydelstadion naar het aanpalende "De Klokke"-gebouw overgebracht, dat in recordtempo van restaurant tot Administratief Centrum werd omgetoverd. Vervolgens werd een kunstgrasveld aangelegd om de spelersgroep ook in barre wintertijden perfecte trainingsmogelijkheden aan te bieden. In de zomer van 2004 werd dan weer het gelijkvloers van de Club-zijde onder de hoofdtribune volledig in functie van de sportieve cel heraangelegd, met een uitgebreide kleedkamer en spelershome, met nieuw sanitair, een nieuwe doucheruimte, een kleine vergaderzaal, een grote instructie- en projectiezaal en een nieuw trainerskantoor.


In januari 2007 lanceerde dr. Michel D'Hooghe het grootse "project Nieuw Stadion". Om de toekomst van de club te garanderen, is het noodzakelijk dat Club Brugge in een goed gelegen, goed bereikbaar en van alle modern comfort voorziene eigen thuishaven zijn sportieve en commerciële troeven maximaal kan uitspelen. Als locatie werd na uitgebreide screening een stuk agrarisch arme grond uitgekozen, gekneld tussen twee autosnelwegen en een spoorweg, in Loppem. De combinatie met een winkelcentrum als financiële hefboom zorgde ervoor dat het project op veel tegenstand stuitte en een heet politiek hangijzer werd, waarbij het debat dikwijls zeer emotioneel werd gevoerd. Twee jaar na de bekendmaking van de plannen, laat een definitieve beslissing door de Vlaamse regering nog steeds op zich wachten.


Ook op bestuursniveau werd bij Club Brugge onder impuls van dr. D'Hooghe overgegaan tot herschikkingen. Met de opdeling van enerzijds de club in drie departementen, elk geleid door één van de langst zetelende beheerders (Marcel Kyndt voor het economische, Raoul Beuls voor het sociale en wijlen Antoine Vanhove voor het sportieve luik), en van anderzijds de vereniging in twee afdelingen (het bedrijf en de sportclub), met de aanstelling van een bedrijfsleider (Filips Dhondt) en de aanwerving van een sportleider (Marc Degryse), voorzag de voorzitter Club Brugge van een eigentijdse professionele beleidsstructuur. Nadat Marc Degryse in januari 2007 zijn ontslag indiende, kwam een al op til zijnde bestuurlijke herstructurering in een stroomversnelling en kreeg Filips Dhondt als General Manager de volledige eindverantwoordelijkheid. Luc Devroe werd als sportmanager aangesteld.


Dat Dr. D’Hooghe sinds zijn aanstelling tot voorzitter meer dan voorheen de sociale rol van Club Brugge benadrukt, sluit naadloos aan bij de visie die hij eerder ook als bondsvoorzitter uitdroeg. Een missie die hij niet enkel met mooie woorden maar ook met stille daden in de praktijk omzet. De oprichting van de Casa Hogar (eerst één, inmiddels een tiental tehuizen voor dakloze straatkinderen) in het Mexicaanse Toluca, als tastbaar en constructief vervolg op het onvergetelijke WK-avontuur van de Rode Duivels, is daarbij de meest in het oog springende realisatie uit zijn bondsperiode geweest. Ook als voorzitter van Club Brugge hamerde dr. Michel D'Hooghe op de sociale bewogenheid van de club, wat leidde tot tal van initiatieven. In 2003 was er de Nacht van Blauw-Zwart ten voordele van de gehandicaptensport in de Brugse regio. In 2007 werd, ingevolge dramatische overstromingen in de hele provincie West-Vlaanderen, in samenwerking met het provinciebestuur het "Solidariteitsfonds Club Brugge - West-Vlaanderen" opgericht. Na een benefietwedstrijd tussen Club Brugge en het Belgische nationale elftal, kon Club Brugge liefst 84.000 euro aan dit Solidariteitsfonds schenken. En naar het voorbeeld van tal van Engelse clubs, bundelde Club Brugge in dezelfde periode al zijn sociale acties in een communityproject onder de noemer "Allemoale Thope".


Op 11 maart 2009 maakte dr. Michel D'Hooghe bekend dat hij geen nieuw mandaat als voorzitter wenste op te nemen. In overleg met de Raad van Bestuur zou hij tot 30 juni 2009 in functie blijven, om dan de voorzittershamer door te geven aan Pol Jonckheere die op 8 april unaniem tot opvolger werd verkozen. Omdat hij ijlings diende geopereerd te worden, waarbij een goedaardige hersentumor met succes werd verwijderd, besliste dr. Michel D'Hooghe reeds begin mei terug te treden. Hij blijft wel als erevoorzitter en als lid van de Raad van Bestuur zetelen.



Klassement

 
P
M
1. Anderlecht
52
10
2. Club Brugge
48
10
3. Racing Genk
41
10
4. AA Gent
40
10
5. Standard
35
10
6. K.V. Kortrijk
34
10

Facebook