You are here

Blocks: 

In 2011 kreeg Club een nieuwe leiding onder voorzitter Bart Verhaeghe en CEO Vincent Mannaert. Met als doel de werking om te vormen en professioneler te maken, waaide er een frisse wind door het Jan Breydelstadion. Op het veld passeerden enkele trainers de revue, maar onder Michel Preud’homme vestigde Club zijn plaats aan de Belgische top opnieuw. Een beker, kwartfinale in de Europa League en een titel werden gevolgd door een nieuwe titel onder Ivan Leko en ook individuele bekroningen voor José Izquierdo, Ruud Vormer en Hans Vanaken.

Onder leiding van Trond Sollied was de eerste helft van de jaren 2000 gevuld met prijzen en Europese hoogdagen. Overwinningen bij AC Milan en Galatasaray wisselden titels en bekers af. Het vertrek van Sollied in 2005 luidde een periode in waar de bekerwinst in 2007 een schamel lichtpuntje was, en de dood van François Sterchele de blauw-zwarte familie in diepe rouw dompelde.

De jaren ’90 waren gevuld met titels en legendes. Met krijgers als Franky Van Der Elst, Vital Borkelmans en Gert Verheyen tussen de lijnen won Club 3 titels en 3 bekers en scoorde het de eerste goal ooit in de Champions League via Daniel Amokachi.

Een moeilijke periode met de bijna-degradatie werd gevolgd door Europese spektakelstukken met als hoogtepunt het mirakeljaar 1987.

Drie titels op een rij en twee Europese finales. De jaren '70 werden gekleurd door Ernst Happel en de zijnen en leverden successen op die waarschijnlijk nooit meer herhaald zullen worden in België.

De weg naar de top. De opkomst van Raoul Lambert betekende ook de opkomst van Club Brugge als Belgische topploeg. De eerste Bekerwinst en eerste Europese wedstrijd gaven Club een nieuw gezicht in België en Europa.

Met Norberto Höfling aan het roer werd Club een professionele voetbalploeg en kon het op het einde van de jaren '50 ook opnieuw promoveren, waarna André De Clerck de voorzitterstitel overnam van zijn vader Emiel.

FC Brugeois kende voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog moeilijke tijden op financieel vlak. Toch kon het rekenen op enkele goeie spelers en kreeg De Klokke een fikse opknapbeurt.

Ook in het interbellum kon Club geen eremetaal verdienen, het schommelde tussen eerste en tweede klasse.

Met Charles Cambier en Torten Goetinck had Club in de jaren '20 zijn eerste 2 coryfeeën in huis, terwijl Albert Dyserinck voorzitter werd van Blauw-Zwart.

Het was wachten tot het seizoen 1919-1920, na de Eerste Wereldoorlog, maar Club haalde eindelijk die eerste titel binnen en trad uit de schaduw van de Brusselse ploegen.

FCB toonde zich in het begin van de 20ste Eeuw te sterk voor de Vlaamse ploegen, maar was niet opgewassen tegen de Brusselse.

Op 13 november 1891 werd de Brugsche Football Club opgericht. Mens Sana in Corpore Sana was de lijfspreuk, blauw en donkerblauw de shirtkleuren. Na een breuk in het derde seizoen zag Football Club Brugeois dan het levenslicht.